De Kerkuil is ongeveer 34 cm groot en heeft een spanwijdte van 95 cm. De rug en bovenzijde van de vleugels zijn goudbruin, met witte en grijze stippels, de onderzijde is wit. Hij is zeer goed herkenbaar aan zijn hartvormig wit gezicht
(de sluier ), met de donkere ogen pal naar voor gericht.
Het geluid is een rauwe schreeuw, de jongen maken een blazend, sissend geluid.
Zoals zijn naam laat vermoeden broedt de kerkuil op zolders van kerken, maar ook andere oude gebouwen, schuren of boerderijen komen in aanmerking. Door toedoen van biotoopverlies, moordend verkeer en steeds minder geschikte broedplaatsen krijgt dit prachtbeest het alsmaar moeilijker. Dankzij acties van de Kerkuilwerkgroep (sensibilisering en het plaatsen van nestkasten) is het kerkuilbestand echter dermate hersteld dat we hem van de Rode Lijst hebben mogen schrappen.
Ook in Boortmeerbeek werden door NPvrijwillgers en medewerkers van de Kerkuilwerkgroep de nodige (kerk)uilenkasten gehangen en opgevolgd. Met resultaat. |